Domstürmer
De Domstürmer komen bij Hajo Päffgenrath natuurlijk niet door de deur, ze bestormen hem symbolisch.
De Domstürmer komen bij Hajo Päffgenrath natuurlijk niet door de deur, ze bestormen hem symbolisch. Hajo Päffgenrath houdt even de krantenhouder vast en zegt: „Rustig aan, jullie zijn Domstürmer, geen stellingenslopers.“ Dan is er Kölsch en de situatie ontspant onmiddellijk. Bij hen klinkt de Karneval naar podium, gitaar en het vaste plan om ook de laatste duffe hoek wakker te schudden. Hajo Päffgenrath houdt daarvan, omdat zijn Büdchen toch elke avond vlak voor de wereldpremière staat. Alleen de kerkklokken verzoekt hij beleefd om tijdens de toegift niet te storen.
